
Omgaan met koude plekken in glaswerk met vreemde vormen
Als je ooit met flessen, retorten of ander laboratoriumapparatuur hebt gewerkt, weet je vast wat het probleem is van ‘koude plekken’. Je plaatst het apparaat in een standaard convectieoven, in de veronderstelling dat alles goed zal gaan. Maar de lucht kan de moeilijk bereikbare plekken niet bereiken.
Het resultaat? Ongelijke warmteverdeling. En we weten allemaal waar dat toe leidt: het glas breekt, en je begint opnieuw.
Waarom infraroodstraling juist werkt
Lucht is lui. Ze willen niet naar plekken gaan waar het benauwd is. Daarom gebruiken we korte-golflengte-infraroodlampen. In plaats van af te wachten tot de hete lucht zich verspreidt, gaan de infraroodstralen rechtstreeks naar het glas toe. Om er zeker van te zijn dat geen enkele plek overgeslagen wordt, plaatsen we deze lampen in een patroon van meerdere hoeken. Hierdoor wordt de warmte van alle kanten naar het glas geleid, zodat ook de moeilijk bereikbare plekken goed worden verwarmd.
Over hitte en vermogen
Om het glas snel op de juiste temperatuur te brengen, heb je veel vermogen nodig in een klein gebied. We gebruiken meestal kwarts-halogeenbuizen. Deze buizen zijn stevig en buigen niet wanneer het erg heet wordt. Als je 2000 watt of meer door zo’n buis stuurt, ontstaat er een hoge warmtedichtheid, waardoor het proces sneller verloopt.
Maar let wel op: houd rekening met de spanning. Als je een lamp van 230V in een stoppenkast met 400V insteekt, zal de lamp bijna meteen kapotgaan. Aan de andere kant zal de warmte verminderen als de spanning te laag is, waardoor het proces langzamer gaat. Het is dus belangrijk om een balans te vinden.
Hoe het apparaat wordt geconfigureerd (en de nadelen)
We gebruiken R7- of SK15-aansluitingen. Waarom? Omdat ze eenvoudig te gebruiken zijn. Als een lamp kapotgaat, kan de technicus hem gewoon vervangen en verder gaan met werken, zonder dat hij alles opnieuw hoeft te installeren.
Houd er wel rekening mee dat deze hoogwaardige apparaten veel warmte produceren. Als je te veel lampen in een kleine ruimte plaatst, zal dit invloed hebben op je elektronica. Je PLC’s en sensoren kunnen deze hoeveelheid warmte niet aan. Zorg ervoor dat je voldoende koelventilatoren en koelsystemen hebt, anders zul je je controllers eerder moeten vervangen dan je zou willen.